Home Actueel Arbeidsrecht Ontslag op staande voet: weet wat je doet!

Ontslag op staande voet: weet wat je doet!

Arbeidsrecht Archief
13-03-18

Voor een ontslag op staande voet moet een dringende reden zijn. Dat werknemer X. werkzaamheden voor een ander bedrijf verrichte, ondanks een uitdrukkelijk verbod in de arbeidsvoorwaarden, terwijl hij bovendien volledig arbeidsongeschikt was, leek werkgever V. voldoende dringend. Maar is alles wel wat het lijkt?

In 2014 kwam X. in dienst bij V., als accountmanager. Zijn taak was om advertenties te verkopen. In september van het jaar daarna kwam X. ziek thuis te zitten. Negen maanden later werd hij door V. op non-actief gesteld. V. verdacht X. er namelijk van dat hij werkzaamheden bij een directe concurrent verrichte, terwijl hij ‘arbeidsongeschikt’ was. X. heeft die beschuldigingen van meet af aan weersproken. V. kon de conclusies ook niet staven met bewijs. Daarom werd het re-integratieproces waar X. en V. mee bezig waren, hervat.

Maar begin 2017 kreeg V. opnieuw informatie die erop leek te duiden dat X. voor een ander werkte, terwijl hij nog steeds arbeidsongeschikt was. Omdat X. niet opnieuw wilde afhaken wegens gebrek aan bewijs, zette hij een bedrijfsrecherchebureau op de zaak. Dat bureau kwam terug met ‘bewijs’  dat X. inderdaad verschillende autobedrijven had bezocht om materialen te verkopen. X.  werd  bovendien vermeld als vertegenwoordiger op de website van het bedrijf in automaterialen. Ditmaal liet V. het niet bij het op non-actief stellen, maar hij ontsloeg  X. – op 25 april – op staande voet. Dringende redenen: het doelbewust frustreren van de re-integratie door het onjuist informeren van de bedrijfsarts én het overtreden van het overeengekomen verbod op nevenwerkzaamheden. De loonbetaling werd per 1 april stopgezet.

X. vroeg vervolgens de kantonrechter om de opzegging te vernietigen en hij eiste loondoorbetaling tot de dag dat de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig zou eindigen. De rechter vond ook dat er niet voldoende dringende reden voor ontslag op staande voet was en stelde X. in het gelijk. Het ontslag op staande voet werd vernietigd, X. kreeg zijn loon nabetaald, de arbeidsovereenkomst eindigde rechtsgeldig per 1 september én X. had recht op een transitievergoeding. De werkgever ging in hoger beroep tegen de uitspraak.

Maar ook het gerechtshof ’s-Hertogenbosch  was van oordeel dat er niet voldoende dringende reden was voor een ontslag op staande voet.

X. had inderdaad verschillende autobedrijven bezocht om filters te verkopen. Het bedrijf waarvoor hij dat deed was  van een kennis van zijn broer, die hij wel wilde helpen met het opzetten van sales. Volgens X. ging het niet om werk, maar om bezigheidstherapie:  hij vond het leuk om te doen, het haalde hem uit de sleur van thuis zitten, piekeren en depressieve gedachten. Hij werd op geen enkele manier betaald voor het werk. Hij was  van mening dat het oppakken van een activiteit buitenshuis juist zou kunnen bijdragen aan een spoediger herstel.

Het hof vond dat het verkopen van autofilters  geen raakvlak heeft met het verkopen van advertenties en dat daarom geen sprake was van concurrerende activiteiten. Dat X.  die nevenwerkzaamheden niet heeft vermeld, wil nog niet zeggen dat hij de bedrijfsarts doelbewust onjuist heeft geïnformeerd, laat staan dat hij de re-integratie heeft gefrustreerd, aldus de rechter. Dat laatste blijkt ook uit niets. En als V. al vond dat X. zich niet aan de re-integratievoorschriften hield of dat hij zijn re-integratie belemmerde, dan waren er ook  minder  vérgaande mogelijkheden geweest, zoals bijvoorbeeld opschorting of staking van de loondoorbetaling.  

V. werd door het hof opnieuw in het ongelijk gesteld.

Meer weten over ontslag op staande voet? Neem contact met ons op!

 

Deel dit artikel