Nieuwe btw-regels voor e-commerce per 1 juli 2021

28 May 2021 | Lucia van Leeuwen

Nieuwe btw-regels voor e-commerce per 1 juli 2021

Leuker kunnen we het niet maken. Ondernemers met een webshop of dropshipping platform opgelet! Vanaf 1 juli 2021 gaan de nieuwe Europese regels in die gelden voor btw in het buitenland voor e-commerce. De regels staan in de nieuwe EU-btw-richtlijn [van de Belastingdienst]. In deze bijdrage bespreekt Köster Advocaten de belangrijkste nieuwe btw regels voor webshops die verkopen aan het buitenland.

Waarom nieuwe regels?

De Europese Unie (‘EU’) wil een gelijk speelveld creëren voor ondernemers binnen en buiten de EU, en oneerlijke concurrentie indammen. Daarnaast wilde de EU de btw wetgeving moderniseren en uniform maken. Uitgangspunt is dat de btw wordt geheven in het land van ontvangst, ongeacht waar de goederen/diensten vandaan komen. Om dit te bereiken worden nieuwe regels ingevoerd.

1. Drempelbedrag 10.000 euro

Te beginnen met het drempelbedrag. De afzonderlijke drempelbedragen – per EU-land – voor de zogeheten ‘intra-EU afstandsverkopen’ komen te vervallen. In plaats daarvan komt er één drempelbedrag van 10.000 euro voor alle EU-landen waarin wordt verkocht. Als het totaalbedrag aan buitenlandse verkopen in EU-landen onder het drempelbedrag van 10.000 euro blijft, mag je als Nederlandse webshop gewoon de Nederlandse btw in rekening blijven brengen. Er moet dan ook aan de ‘randvoorwaarden’ worden voldaan: het transport van de zending begint in Nederland én de onderneming heeft een vestiging in een EU-land.

Het gaat hier steeds om producten en/of digitale diensten die worden verkocht en geleverd aan particulieren in andere landen van de EU, althans aan klanten die geen btw-aangifte hoeven te doen (wat in sommige gevallen dus ook zakelijke klanten kunnen zijn). Daarbij gaat het bij goederen om goederen die al binnen de EU zijn en waarvan de verzending door de webshop zelf wordt geregeld.

Wel makkelijk: éénloketsysteem

Zodra deze buitenlandse verkopen van de webshop het drempelbedrag van 10.000 euro overstijgen, moeten de verkopen worden belast met de btw van het land waar de klant gevestigd is (het land van ontvangst). Dit betekent dat er per afzonderlijk EU-land waarin is verkocht een lokale btw-aangifte gedaan moet worden. Dat kan, maar per 1 april 2021 kan een ondernemer ook gebruikmaken van de ‘Unieregeling’ bij het nieuwe éénloketsysteem van de Belastingdienst. Dit systeem wordt ook wel het OSS-portal genoemd, waarbij OSS staat voor One Stop Shop. Let op: er kleven specifieke voorwaarden aan het gebruik van deze ‘Unieregeling’, die te vinden zijn op de website van de Belastingdienst.

Als er vóór 30 juni 2021 wordt aangemeld, dan kan al vanaf het derde kwartaal 2021 één btw-melding worden gedaan voor de btw over alle verkopen (van EU-goederen) aan particulieren in (andere) EU-landen. Het is dus van groot belang om je tijdig te melden bij de Belastingdienst!

Uitzondering: goederen geleverd vanuit een buitenlands magazijn in de EU worden belast met de lokale btw (van het EU-land waarin het magazijn staat). Hiervoor moet altijd in het betreffende EU-land zelf een btw-aangifte worden gedaan. Dit kan niet via het éénloketsysteem .

Boekhouding/administratie én prijzen onder de loep!

Als gevolg van de nieuwe btw regels moeten ondernemers kritisch kijken naar hun administratie, boekhoudsysteem én gehanteerde prijzen. Om te weten hoeveel btw je in welk land verschuldigd bent, moet de administratie op orde zijn. Het boekhoudsysteem waarmee wordt gewerkt, moet mogelijk worden aangepast.

Daarnaast is het van belang om goed naar de verkoopprijzen te kijken. Door de nieuwe btw regels kan het voorkomen dat er andere btw-percentages afgedragen moeten worden over de producten. Met uniforme verkoopprijzen fluctueert de winst die op de producten wordt gemaakt per EU-land waarin wordt verkocht. Het is raadzaam de verschillende btw-percentages en gemiddelde verkopen goed te analyseren, alvorens tot een uniforme verkooprijs voor een product te komen. Als de verkoopprijzen worden afgestemd op het land waarin wordt verkocht (en de verkooprijzen dus variabel zijn), dan is het raadzaam te kiezen voor een e-commerce platform met een – geautomatiseerde – optie om variabele prijzen te laten zien.

2. Btw-vrijstelling op import tot 22 euro vervalt

Een tweede belangrijke wijziging is het vervallen van de btw-vrijstelling voor zendingen met een waarde tot en met 22 euro. Vanaf 1 juli 2021 wordt er dus Nederlandse btw (21 procent) geheven op pakketten onder de 22 euro die van buiten de EU in Nederland worden ingevoerd en geleverd.

Voor verkopers die deze btw-afdracht voor rekening van hun – particuliere – ontvanger laten, komen daar nog de inklaringskosten (vaste tarieven per pakketdienst) en invoerrechten (bij goederen boven de 150 euro) bovenop! Voor particuliere ontvangers wordt het dus extra opletten bij niet-EU-leveranciers.

3. Nieuwe btw-regels voor platforms

Maar ook voor platforms is het opletten geblazen. Als webshops die werken met dropshipping meer doen dan sec kopers en verkopers bij elkaar brengen, dan is sprake van de ‘platformfictie’ en is het platform (de dropshipping webshop) zowel de importeur als de btw-plichtige. Een ‘actieve rol’ betekent het faciliteren van bestellingen en betalingen van producten, die vervolgens door een niet-EU-leverancier rechtstreeks aan de particulier worden geleverd.

Zo lang het gaat om goederen met een waarde tot 150 euro kan gebruik worden gemaakt van de ‘Invoerregeling’ van het éénloketsysteem. Dit heeft als voordeel dat dat er geen invoer-btw betaald hoeft te worden en in één keer btw-aangifte kan worden gedaan voor alle EU-landen (zoals bij de ‘ Unieregeling’). Wordt geen gebruik gemaakt van de ‘Invoerregeling’, dan moet het platform de invoer-btw betalen van het EU-land waar de goederen worden geleverd én in dat land btw-aangifte doen voor de levering.

Maar let op! Het bovenstaande geldt alleen als je producten laat leveren onder je eigen naam. Worden de producten geleverd op naam van de niet-EU-leverancier, dan moeten goede afspraken worden gemaakt met deze niet-EU-leverancier. Als je geen afspraken maakt en de niet-EU-leverancier de btw-afdracht afwentelt op de particuliere ontvanger, wordt jouw klant geconfronteerd met de btw én de inklaringskosten. Geef dus op het platform goed aan (i) waar de producten vandaan komen en (ii) of de verkoopprijzen inclusief óf exclusief lokale btw (en kosten) zijn, om ontevreden klanten te voorkomen.

To do vóór 1 juli 2021

Ondernemers met een webshop of actief platform die verkopen in andere landen van de EU, moeten dus vóór 1 juli 2021 nagaan (i) of zij met hun webshop verkopen (van EU-goederen) in andere EU-landen het drempelbedrag van 10.000 euro (vermoedelijk gaan) overschrijden en (ii) of hun actieve platform op de juiste wijze de verkoopprijzen weergeeft en de invoer van de niet-EU-producten goed geregeld is.

Kortom: er is werk aan de (digitale) winkel!

Team Contractenrecht
Lucia van Leeuwen