Home Actueel Archief Eerste Kamer steunt Wet DBA

Eerste Kamer steunt Wet DBA

Archief
27-01-16

Gisterenavond verkreeg staatssecretaris Wiebes in de Eerste Kamer na het nodige uitstel én een uitvoerig implementatieplan, alsnog een meerderheid voor het wetsvoorstel Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties.

Als gevolg van de inwerkingtreding van deze wet, verdwijnt de Verklaring arbeidsrelatie (VAR) per 1 mei a.s. De datum van invoering is (dus) opnieuw met één maand verschoven. Op 2 februari as. wordt er daadwerkelijk gestemd over de wet, maar door het debat is duidelijk dat de nieuwe wet zal worden aanvaard.

Met het verdwijnen van de VAR, verdwijnt ook de nodige rechtszekerheid. Partijen die zzp’ers inhuren, kunnen onder het huidige regime dat – in ieder geval naar fiscaal perspectief – met een relatief gerust hart doen. Als maar aan enkele eisen is voldaan, bestaat er voor opdrachtgever en intermediair geen risico op naheffingen. Arbeidsrechtelijk lag dat altijd al anders. De zzp’er die weinig zelfstandig was en feitelijk als ware hij werknemer opereerde, kon een beroep doen op het bestaan van een arbeidsovereenkomst tussen hem en zijn opdrachtgever óf zijn intermediair. Wezen gaat nog altijd voor schijn. Hoewel we daar de nodige voorbeelden van hebben gezien in de rechtspraak, had de dreiging van de individuele claim weinig invloed op de inzet van zzp’ers. Het voornaamste risico lag immers bij de zzp’er zelf. 

Onder het regime van de Wet DBA wordt dat wezenlijk anders. Partijen kunnen een modelovereenkomst aangaan, die zij hebben laten toetsen door de Belastingdienst. Die toetsing geeft een garantie, die strekt tot de spreekwoordelijke voordeur. Als de uitvoering van de modelovereenkomst in werkelijkheid anders is, dan op papier is bepaald, dan wordt de opdrachtgever alsnog met naheffingen geconfronteerd. PWC Tax becijferde al dat de omvang van het risico fors is: voor iedere € 10.000,- die aan de zzp’er betaald is, loopt men een bijkomend risico van € 17.000,-. De ‘opdrachtgever’ is hier niet per definitie de eindgebruiker van de diensten van de zzp’er. Als een intermediair de zzp’er plaatst, dan geldt die tussenkomende partij als opdrachtgever en dus drager van het risico. Valt die partij er tussenuit, dan speelt de ketenaansprakelijkheid een rol. 

Wat te doen? Allereerst is het van belang dat u kritisch kijkt naar de zzp’ers die u inschakelt. Zijn ze welbeschouwd gelijk aan uw werknemers (of: de werknemers van uw opdrachtgevers, voor intermediairs), dan wordt het risico dat u liep onder de oude regelgeving, aanzienlijk groter. Overweeg hierbij om met de zzp’er een dienstverband te bespreken; rechtstreeks of via een uitzend-/payrollonderneming. Voor die groep die nog wel als zzp’er in te zetten is, is het aan te raden om gebruik te gaan maken van een modelovereenkomst. Bij gebruik van een modelovereenkomst verkeer je namelijk in een veel gunstiger bewijspositie, dan in het geval reguliere en niet-goedgekeurde overeenkomsten gebruikt worden. Die overeenkomst moet bovendien zo dicht mogelijk bij de werkelijke uitvoering van de werkzaamheden komen, om bij een toetsing in de praktijk overeind te blijven.  

Voor meer informatie over de Wet DBA, de gevolgen voor uw praktijk én advies hoe deze nieuwe regelgeving te implementeren, kunt u contact opnemen met onze praktijkgroep Flexibele Arbeidsrelaties. Archana Mahabiersing en Maarten Tanja zijn voor dit dossier uw contactpersonen.

 

Deel dit artikel