MENU
Lesbisch ouderschap / adoptie

Lesbisch ouderschap / adoptie

Terug naar familierecht

Wanneer een baby wordt geboren binnen een lesbische relatie gelden andere wettelijke regels dan wanneer er een baby wordt geboren binnen een hetero relatie. Als een baby wordt geboren binnen een huwelijk of geregistreerd partnerschap van een hetero relatie zijn beide ouders van rechtswege juridisch ouders en zijn zij gezamenlijk belast met het ouderlijk gezag. Bij een lesbische relatie (gehuwd of geregistreerd partnerschap) is dat niet het geval. In deze bijdrage wordt kort uiteen gezet op welke wijze de gehuwde of geregistreerde vrouwelijke partner van de (biologische) moeder juridisch ouder wordt.

De moeder van een kind is van rechtswege juridisch ouder en is belast met het ouderlijk gezag over het kind. Het is belangrijk deze zaken goed te onderscheiden. Het juridisch ouderschap betekent dat het kind afstamt van de vrouw, wat gevolgen heeft voor bijvoorbeeld het naamrecht, het erfrecht en de nationaliteit. Het ouderlijk gezag geeft de moeder rechten en plichten, zoals het recht om het kind te verzorgen en op te voeden, het recht het kind (wettelijk) te vertegenwoordigen en het recht het vermogen van het kind te beheren. Het is het meest wenselijk voor de partner van de moeder om niet alleen het ouderlijk gezag over het kind te hebben maar ook juridisch ouder te zijn.

Adoptie

Als de partner van de moeder juridisch ouder wil worden, staat maar één rechtsgang voor haar open: (partner) adoptie. Een adoptieverzoek wordt ingediend bij de rechtbank door een advocaat. Het adoptieverzoek wordt slechts door de rechter toegewezen indien de adoptie in het belang van het kind is en als het kind niets meer te verwachten heeft van zijn oorspronkelijke ouder (donor). Deze eis geldt overigens alleen indien er sprake is van een bekende donor. Indien de moeder en haar partner hebben gekozen voor een anonieme donor geldt deze eis niet.

Verder dient een adoptie aan de volgende voorwaarden te voldoen:

  • het kind moet op de dag van het verzoek minderjarig zijn;
  • het kind mag geen kleinkind zijn van de partner van moeder;
  • de partner van de moeder moet tenminste 18 jaar ouder dan het kind zijn;
  • geen der ouders mag het verzoek tegenspreken;
  • de biologische moeder van het kind moet de leeftijd van 16 jaar hebben bereikt.


De overige voorwaarden zijn 1) dat de partner van de moeder slechts een adoptieverzoek kan doen als zij tenminste 3 aaneengesloten jaren onmiddellijk voorafgaand aan de indiening van het verzoek met de moeder heeft samen geleefd en 2) dat de partner van de moeder het kind gedurende tenminste één jaar tezamen met de moeder heeft verzorgd en opgevoed. Deze voorwaarden gelden niet wanneer het kind is of wordt geboren binnen een huwelijk of geregistreerd partnerschap van de moeder en de vrouwelijke partner van de moeder.

Procedure

Een adoptieverzoek ingediend door de partner van de vrouw waarbij de moeder is bevrucht door een anonieme donor kan zeer spoedig verlopen. Het is vaak niet eens nodig dat een mondelinge behandeling plaatsvindt, hetgeen aanzienlijk scheelt in tijd en kosten.

Het is raadzaam het adoptieverzoek al tijdens de zwangerschap in te dienen omdat de adoptie dan terugwerkt tot het conceptiemoment. Mocht de partner van de moeder tussentijds komen te overlijden, is zij toch van begin af aan juridisch moeder geweest. Indien het verzoek binnen 6 maanden na de geboorte is ingediend, werkt de adoptie terug tot het moment van het verzoek. Indien het adoptieverzoek wordt ingediend na 6 maanden na de geboorte heeft de adoptie geen terugwerkende kracht. Wanneer het adoptieverzoek al tijdens de zwangerschap wordt ingediend, wordt het verzoek al voor de geboorte in behandeling genomen, maar de procedure wordt aangehouden totdat de geboorteakte wordt overgelegd. De adoptie kan dus pas ná de geboorte worden uitgesproken.

Wetsvoorstel

Er ligt een wetsvoorstel ter beoordeling bij de Eerste Kamer dat de vrouwelijke partner van de moeder (net als de mannelijke partner van de moeder) meer mogelijkheden geeft voor het verkrijgen van juridisch ouderschap zonder rechterlijke tussenkomst. Overigens wordt in het wetsvoorstel ook rekening gehouden met de rechten van de bekende biologische vader. Verder is in het wetsvoorstel opgenomen dat alleen de vrouwelijke echtgenote van rechtswege juridisch ouder wordt, voor de samenwonende vrouwelijke partner geldt dat niet. Voor samenwonende vrouwelijke partners waar dus niet van rechtswege juridisch ouderschap ontstaat, zou de partner van de moeder volgens het wetsvoorstel het kind in ieder geval kunnen erkennen, wat nu ook het geval is bij samenwonende man en vrouw.

Terug naar familierecht