MENU
Geld voor nieuwe rechten

Geld voor nieuwe rechten

10 oktober 2017

De Autoriteit Persoonsgegevens krijgt het komende jaar al 5 miljoen euro extra en vanaf 2019 structureel 7 miljoen. Daarmee groeit het totale budget naar ongeveer 15 miljoen.

De Autoriteit Persoonsgegevens (“AP”) kan dus nieuwe medewerkers gaan werven, hoewel dat niet zal meevallen. Mensen met specialistische werkervaring zijn moeilijk te vinden in de privacymarkt is een groot tekort aan ervaren personeel. Maar extra geld is ook nodig voor een aantal nieuwe taken. Zo moet, in samenwerking met Europese partners, invulling gegeven worden aan een aantal praktische aspecten van de nieuwe Europese privacyrichtlijn (de AVG), zoals het recht om vergeten te worden en dataportabiliteit en de handhaving van de AVG.

Het recht om vergeten te worden

Het recht om vergeten te worden is een privacyrecht van Europese burgers. Het betekent dat je als Europese burger het recht hebt om onjuiste of verouderde privacygevoelige informatie te laten verwijderen uit archieven. In mei 2014 heeft het Hof van Justitie van de EU geoordeeld dat dit recht ook geldt ten aanzien van zoekresultaten van zoekopdrachten op een persoonsnaam bij een internetzoekmachine, zoals Google. Aanleiding was het zogenaamde Costeja-arrest. Een Spaanse ondernemer wilde een krantenartikel laten verwijderen door Google . Als je op zijn naam zocht, kwam dat artikel - uit 1998, waarin een gedwongen verkoop van zijn bezittingen werd aangekondigd – bovendrijven. Hij vond dat die informatie niet meer relevant was en hem zelfs schade berokkende. Het Hof gaf hem gelijk. Het Hof vond dat zoekmachines diverse informatie van een bepaalde persoon in kaart kunnen brengen die anders moeilijker met elkaar in verband kan worden gebracht. Daardoor kunnen internetgebruikers een min of meer gedetailleerd profiel opstellen van de personen waarop is gezocht. En volgens het Hof kan daar een conflict ontstaan met het recht op privacy.  Dus ook als informatie rechtmatig is, kan een zoekmachine gedwongen worden om die informatie uit de zoekresultaten te verwijderen. Daartegenover staan overigens ook andere grondrechten, zoals de journalistieke vrijheid van de media, het recht op vrijheid van meningsuiting en het recht op vrijheid van informatie. Een beroep op het recht om vergeten te worden leidt dan ook zeker niet altijd tot verwijdering van de zoekresultaten.

 Het recht op dataportabiliteit

Het recht op dataportabiliteit – ofwel: de overdraagbaarheid van gegevens – betekent dat een persoon zelf kan bepalen welke gegevens hij deelt en met wie. Zo hoeft iemand niet steeds opnieuw te beginnen met het verstrekken van gegevens als hij naar een nieuwe partij overstapt. Voor organisaties betekent het dat zij in voorkomende gevallen die data aan een ander moeten verstrekken in een  ‘gestructureerde, algemeen gebruikte, leesbare en interoperabele vorm’, zoals de AVG voorschrijft.

Er is nog veel onduidelijkheid over hoe het recht op dataportabiliteit in de praktijk uitwerking zal krijgen.

Wilt u weten of uw organisatie klaar is voor de AVG? Lees dan hier onze whitepaper of neem contact met ons op!

 

Praktijkgroep IT Internet en Privacy
  • I. (Iris) Tuk